Subsidieregeling incidentele middelen leerlingendaling voortgezet onderwijs 2020

Demografische ontwikkelingen van ontgroening en verstedelijking zorgen er op sommige plekken in Nederland voor dat steeds minder leerlingen instromen in het voortgezet onderwijs. Deze leerlingendaling zet de bereikbaarheid van de passende school en de betaalbaarheid van het voortgezet onderwijs in grote delen van Nederland onder druk. Leerlingendaling gaat vrijwel in het hele land voorkomen en heeft grote effecten.

Gemiddeld krimpt het voortgezet onderwijs tussen 2016 en 2031 met 12%. Deze krimp is ongelijk verdeeld over de schoolsoorten:

  • in het vmbo is de verwachte leerlingendaling in die periode bijna 22%
  • havo en vwo krimpen maar met ruim 7%
  • het praktijkonderwijs krimpt naar verwachting met ruim 9%.

De leerlingendaling is ook ongelijk verdeeld over het land. Ook binnen regio’s zijn er grote verschillen.

Het voortgezet onderwijs staat de komende jaren voor een transitieopgave. Voor de invulling van deze opgave kan de benodigde inzet per regio dan ook verschillen. Deze inzet brengt kosten met zich mee, zoals een fusie, het invoeren van een nieuw onderwijsconcept, het samenvoegen van vestigingen, het opzetten van een shared service center of uitwisseling van personeel. Tot op zekere hoogte kunnen scholen deze kosten zelf dragen, indien sprake is van reserves. Maar omdat leerlingendaling leidt tot dalende bekostiging, is het voor scholen vaak lastig om de noodzakelijke kosten in zijn geheel op te brengen.

Deze regeling bevat regels voor het verstrekken van subsidie aan de bevoegde gezagen van scholen voor voortgezet onderwijs om op basis van een regionale visie en activiteitenplan te komen tot een levensvatbaar en kwalitatief goed onderwijsaanbod dat de leerlingendaling kan opvangen. De reistijd voor leerlingen blijft hierdoor binnen acceptabele grenzen. Om de samenwerking te stimuleren is gekozen voor een subsidieregeling.

Aanleiding voor deze regeling is het rapport De laatste school..? Advies over de aanpak van de gevolgen van leerlingendaling in het voortgezet onderwijs van de commissie Dijkgraaf. De commissie heeft in kaart gebracht wat de invloed is van de teruglopende leerlingenaantallen in het voortgezet onderwijs en heeft geadviseerd hoe schoolbesturen beter in staat gesteld kunnen worden zorg te dragen voor een toekomstbestendig onderwijs in de regio. Een van de adviezen is het instellen van een financiële maatwerkregeling om regio’s te ondersteunen om te komen tot een toekomstbestendig onderwijsaanbod. Voor deze regeling is in totaal 25 miljoen euro beschikbaar voor de periode 2020–2025.

Lees verder (Staatscourant)